Monitor Wet Voorzieningen Gehandicapten – Wvg

Minsterie VWS_box_185Opdrachtgever: Ministerie van VWS In samenwerking met SGBO

Steekwoorden: zorg, gehandicapten, wmo

Jaar: 2004

Inleiding
De Wet Voorzieningen Gehandicapten (Wvg) is nu opgegaan in de WMO. Ipso Facto heeft de Wvg landelijk geëvalueerd en vele lokale onderzoeken verricht. Eind maart 2002 is door het ministerie van sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en drie gebruikersorganisaties (Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland (CG-Raad), het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties (CSO) en de Federatie van Ouderverenigingen (FvO)) het Wvg-protocol voor gemeenten tot stand gebracht. In dit protocol is een nadere invulling gegeven aan het begrip ‘verantwoorde voorzieningen’ met als doel cliënten meer rechtszekerheid te bieden. De nadere invulling betreft drie onderdelen, namelijk de cliëntgerichtheid (aanvraagprocedure, indicatiestelling e.d.), voorzieningen (wonen, rolstoelen en vervoer) en het toetsingskader.

In het protocol is met de VNG en de gebruikersorganisaties afgesproken dat de werking van het protocol zal worden gemonitord en geëvalueerd. In januari 2003 heeft SGBO in opdracht van het ministerie van VWS een quickscan uitgevoerd om een eerste indruk te krijgen van de stand van zaken rond de implementatie van het protocol bij gemeenten en de ervaringen van gebruikers.

De staatssecretaris wil door middel van voorliggend onderzoek een volledig beeld verkrijgen van de implementatie van het Wvg-protocol en de ervaringen van cliënten hiermee, om te kunnen beoordelen in hoeverre het omzetten van het protocol in regelgeving wenselijk is. Zij heeft SGBO, het onderzoeks- en adviesbureau van de VNG, en Ipso Facto, bureau voor sociaal beleidsonderzoek, verzocht deze monitor gezamenlijk uit te voeren. SGBO heeft het gemeentelijk deel voor haar rekening genomen en Ipso Facto het cliëntenonderzoek en het onderdeel jurisprudentie.

Doel
Het monitoronderzoek richt zich op zowel de uitvoerders van het protocol, de gemeenten, als de Wvg-gebruikers. De centrale onderzoeksvraag is als volgt geformuleerd

  • Op welke wijze geven gemeenten invulling aan het protocol op de drie hoofdonderdelen cliëntgerichtheid, voorzieningen en toetsingskader, en wat merken cliënten van wijzigingen op deze onderdelen?

Voor de verschillende onderdelen zijn aanvullend aparte onderzoeksvragen gesteld.

Werkwijze
Voor het gemeentelijk onderdeel is een gewogen representatief panel samengesteld van 90 gemeenten. Met deze gemeenten is een interview gehouden aan de hand van een halfopen gestructureerde vragenlijst, zodat er veel ruimte was voor toelichtingen en controle op sociaal wenselijke antwoorden. Om na te gaan of er reeds (hoger) beroepszaken zijn waarbij voor de uitvoering verwezen wordt naar het Wvg-protocol zijn onder andere bronnen als de cd-rom Wvg jurisprudentie en wet- en regelgeving en de internetsite Rechtspraak.nl. Voor het cliëntendeel is met behulp van een steekproefkader vastgesteld dat bij 900 cliënten een telefonisch interview afgenomen zou worden. Hiervoor is gebruik gemaakt van een gestructureerde vragenlijst.

Resultaten
Uit het onderzoek blijkt dat gemeenten overwegend neutraal of positief zijn over het protocol. Een vijfde van de gemeenten geeft aan in maart 2002 al geheel conform protocol te werken en ruim de helft van de gemeenten heeft sinds maart 2002 actie ondernomen om het beleid en/of de uitvoering meer conform protocol te maken. Veruit de meeste aanpassingen zijn gedaan op het gebied van de vervoersvoorzieningen, gevolgd door woonvoorzieningen, keuzevrijheid en cliëntgerichtheid in zijn algemeenheid. Op het gebied van de rolstoelen bleken gemeenten veelal reeds conform protocol te werken.

Een aantal aspecten uit het protocol blijken in de praktijk nog niet altijd te worden opgepakt. Het gaat daarbij onder meer om verschillende informatieaspecten van cliëntgerichtheid. Daarnaast hebben gemeenten moeite met de soms wat abstracte formulering van het protocol, met name ten aanzien van cliëntgerichtheid: hoever ga je hierin als gemeente? Gemeenten kiezen hier overwegend voor een eigen invulling, die aansluit bij het lokale beleid en haar mogelijkheden. De uitdaging voor gemeenten is om uitgaande van de doelstelling van de Wvg, de richtlijnen van het protocol zo goed mogelijk te volgen, zonder de lokale situatie en de beheersbaarheid van de Wvg uit het oog te verliezen.

  • Het eindrapport vindt u hieronder:
Eindrapport
Monitor Wvg 2004
  • Het eindrapport vindt u op de website overheid.nl, de link vindt u hieronder:
Eindrapport
Monitor Wvg 2004
  • Ook vindt u op overheid.nl informatie over het overhandigen van het rapport aan de Tweede Kamer:
Aanbiedingsbrief
onderzoek aangeboden aan de Tweede Kamer